BEHANDELING van non-Hodgkin lymfomen


De behandeling van non-Hodgkin lymfomen is ook de laatste jaren sterk verbeterd, ook wanneer het lymfoom zich al op verschillende plaatsen in het lichaam verspreid heeft. Heel wat patiënten kunnen worden genezen of bij velen kan de ziekte jarenlang onder controle worden gehouden. De behandeling van non-Hodgkin lymfomen hangt af van veel factoren, waaronder:

• aard van het lymfoom

• leeftijd patiënt

• algemene gezondheidstoestand

• uitgebreidheid (stadium)

• bijkomende risicofactoren (LDH, aantasting buiten klieren)

Globaal genomen kan men stellen dat de behandeling van non- Hodgkin lymfomen (en lymfomen in het algemeen) gericht moet zijn op risicofactoren. Indien de risicofactoren wijzen op een hoger risico op herval, moet de behandeling daaraan aangepast worden. Het is dan ook zeer moeilijk om richtlijnen voor behandeling te geven, gezien de grote variatie. Lymfomen die een “lage graad maligniteit” hebben (zoals folliculaire lymfomen) worden minder intensief behandeld dan lymfomen die agressief verlopen (zoals de grootcellige lymfomen). In sommige gevallen kan zelfs een afwachtende houding worden aangenomen, zonder enige behandeling.

De meest gebruikte combinatieschema’s (combinatie van verschillende cytostatica) zijn: CHOP, ACVBP, CHVmP-Bleo/Vincristine, CVP. Sedert een tiental jaren wordt voor lymfomen van B-cel oorsprong hier nog een behandeling met een antistof aan toegevoegd. De eerste antistof (en nog steeds de meest gebruikte) was Mabthera of rituximab, (afgekort R) : R-CHOP, R-ACVBP, R-CVP. In de komende jaren zal het aantal soorten antistoffen dat kan gebruikt worden sterk toenemen (GA101,Ofatumomab,…)

• R-CHOP : om de 3 weken (soms om de 2) omvat volgende medicijnen:

- rituximab (Mabthera) : traag infuus over meerdere uren

- vincristine (Oncovin) infuus

- adriamycine infuus

- cyclofosfamide infuus

- prednisone tabletten gedurende 5 dagen (merknaam:Medrol)

Indien hydroxyadriamycine wordt weggelaten, spreekt men van het R-CVP schema

• R-ACVBP: om de twee tot drie weken (3 tot 4 maal), is een vrij intensief en complex schema, dat uit een groter aantal geneesmiddelen bestaat dan R-CHOP.R-ACVBP bestaat uit een eerste fase (R-ACVBP chemotherapie) die dient om het lymfoom helemaal te doen verdwijnen, nadien volgt een tweede fase (consolidatiefase), die dient om de bekomen winst te behouden. Deze fase bestaat uit andere geneesmiddelen.

• Eerste fase:

- rituximab (MabThera): traag infuus

- adriamycine infuus

- cyclofosfamide (of Endoxan) infuus

- vindesine injectie

- bleomycine: infuus of injectie

- prednisone (Medrol) tabletten gedurende 5 dagen


• Consolidtiefase:

- methotrexaat in hoge dosis, twee keer om de twee weken.

   Hiervoor is opname nodig in het ziekenhuis voor drie dagen.

- ifosfamide en etoposide, vier keer om de twee weken.

   Eveneens opname nodig in ziekenhuis voor één nacht.

- cytarabine onderhuidse injecties, twee keer om de twee weken.

   Injecties gebeuren thuis.

 

Deze behandeling is heel wat zwaarder dan R-CHOP combinatie.