‘Een gat in mijn geheugen’: therapie-geïnduceerde cognitieve veranderingen.

Patiënten behandeld voor Hodgkin’s of voor non-Hodgkin’s ervaren soms beperkte cognitieve klachten/problemen tijdens en/of na de behandeling voor deze hematologische aandoeningen. Deze cognitieve klachten kunnen zijn problemen met de aandacht (cf. ‘Ik ben verstrooid’), het geheugen (cf. ‘Ik ben vergeetachtig’, ‘Ik kan het niet herinneren’, etc.), de motoriek (cf. ‘Ik ben onhandig’), de snelheid van informatie-verwerking (cf. ‘Ik kan minder snel denken’), en de uitvoerende functies (cf. ‘Ik kan het niet afwerken’), dit naast de eventuele aanwezigheid van verschillende emoties/gevoelens (angst, verdriet, woede) en vermoeidheid.

Het is een aandachtspunt aan het worden van vele patiënten en de omgeving (m.n. collega’s, partner, en kinderen) mede door de effectiviteit van de behandeling voor deze aandoeningen en het verlangen en de wens van patiënten om opnieuw naar de school, naar het werk te gaan, en algemeen het leven weer op te nemen. Dus, de patiënten willen ‘maximaal’ reïntegreren op zowel professioneel als relationeel/sociaal vlak. De cognitieve klachten kunnen dit mogelijks verhinderen bij sommige patiënten. Dit kan leiden tot een spanningsveld tussen de patiënt en de omgeving, op diverse gebieden, zoals rond begrip en communicatie over deze cognitieve klachten, rond verschillen qua ritme en snelheid van leven met elkaar en uitvoeren van taken, en rond zorg voor elkaar.

De patiënten vragen zich af of dit een tijdelijk of een blijvend probleem is, gezien de impact van deze cognitieve klachten op de kwaliteit. En, de professionelen (artsen, psychologen, en verpleegkundigen) hebben voor deze cognitieve klachten minder aandacht dan de patiënten en de omgeving. In de literatuur, wordt vóóral aandacht besteed aan de borst-kanker patiënten en in zéér beperkte mate aan de diverse hematologische aandoeningen, zoals leukemie evenals lymfomen (beide 1 wetenschappelijk artikel/onderzoek bij de volwassen patiënten!!), dit met uitzondering van beenmerg- (BMT) en/of stamcel-transplantatie (SCT) patiënten.

Het onderzoek rond Hodgkin’s en non-Hodgkin’s was een vergelijkend onderzoek tussen de borst-kanker patiënten en de lymfoom patiënten. Patiënten, 5 jaar post-diagnose, die niet meer behandeld werden, en ziekte vrij waren, werden cognitief en psychologisch onderzocht. Het type van behandeling (chemotherapie vs. bestraling/operatie), maar niet de diagnose (borst-kanker vs. lymfomen) was van belang!! Het verbaal geheugen en de psycho-motoriek van de patiënten behandeld met chemotherapie was minder dan in patiënten behandeld met de andere therapie. Tevens, meldden patiënten behandeld met chemotherapie méér subjectieve klachten op het vlak van aanleren van nieuwe informatie en het korte-termijn geheugen.

Het kan van belang zijn voor de patiënt en de omgeving om deze nog ‘subjectieve’ cognitieve klachten in kaart te laten brengen door een ‘objectief’ betrouwbaar en valied neuro-cognitief onderzoek, die deze verschillende cognitieve functies in kaart brengt (cf. aandacht, geheugen, motoriek, informatie-verwerkingssnelheid, en uitvoerende functies). De persoonlijkheid van de patiënt kan eveneens van belang zijn (cf. ‘Ik ben bezorgd’, ‘Ik ben nieuwsgierig’, of ‘Ik zet door’) binnen het ervaren van deze ‘subjectieve’ cognitieve klachten, evenals de veranderde levenskwaliteit. Diverse activiteiten (cf. werk, sport, meditatie, yoga, geheugentraining, en de zelfhulpgroep) kunnen de patiënt verder helpen in de reïntegratie, evenals het structureren van de omgeving en de opdrachten (cf. denken, plannen, organiseren, structureren, en evalueren).

En, voor verdere info en/of aanpak kan U altijd terecht op onze Dienst Hematologie, UZG.

Stijn Verleden – Klinisch Psycholoog

Hematologie - UZ Gent

De Pintelaan 185

B-9000 Gent

Tel.: 09/332.57.59 (in Namiddag) & E-mail: Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.