BEHANDELING van de ziekte van Hodgkin


Voor de behandeling van de ziekte van Hodgkin dient een onderscheid gemaakt tussen behandeling van stadia I/II en stadia III/IV.

 Stadia I en II: patiënten met dit stadium hebben een zeer hoge kans op blijvende genezing met behandeling. De behandeling dient te bestaan uit combinatiechemotherapie (chemotherapie = behandeling van gezwellen met geneesmiddelen, meestal een combinatie van verschillende celremmende medicijnen – ook cytostatica genoemd) en bestraling. Chemotherapie kan gegeven worden via pillen (orale weg) of via een infuus (injectie) in een bloedvat (intraveneuze therapie).

Deze chemotherapie wordt vaak gegeven in een infuus om de 8, 14 of 21 dagen. De totale duur van de chemotherapie is afhankelijk van de risicofactoren en varieert van 3 tot 6 maanden. Momenteel is de kans op genezing zo hoog, dat inspanningen worden gedaan om de periode van chemotherapie in te korten teneinde de kans op neveneffecten van de chemotherapie (vooral laattijdig – zie verder) te beperken, zonder uiteraard verlies van de kansen op genezing. De chemotherapie die meestal gebruikt wordt is een combinatie van geneesmiddelen die afgekort ABVD genoemd wordt (ABVD: naar de vier geneesmiddelen die hierin gebruikt worden).

- A: adriamycine

- B: bleomycine

- V: velbe

- D: DTIC

ABVB chemotherapie wordt gegeven in toediening om de 14 dagen; één cyclus chemotherapie bestaat uit twee toedieningen: 3 cycli betekent dus 6 toedieningen, telkens om de veertien dagen. De neveneffecten van de behandeling met ABVD wordt verder beschreven. De toediening van de geneesmiddelen gebeurt intraveneus en duurt ongeveer 4 uur.

Tabel: ABVD chemotherapie 

 

Dosis (mg/m²)

Dagen toediening

    Adriamycine

25 mg

Dag 1 en 14

     Bleomycine

10

idem

    Velbe

idem

    DTIC

 375

idem 

 Cyclus herhaald om de 28 dagen

 

 Bestraling of radiotherapie: bestraling is een essentieel onderdeel van de behandeling van patiënten met stadium I/II. Door de radiotherapie kan het aantal maanden chemotherapie worden beperkt. Omgekeerd wordt ook de stralingsdosis die moet gegeven worden beperkt dank zij het effect van de chemotherapie. Radiotherapie wordt toegediend

met een uitwendige bestralingsbron en is totaal pijnloos. De uitgebreidheid van de bestraling wordt bepaald door de aantasting van de ziekte van Hodgkin. In principe worden de aangetaste klierregio’s bestraald. De duur van de radiotherapie bedraagt meestal 20 zittingen; de duur per zitting is ongeveer 10 minuten (zie verder over neveneffecten van radiotherapie).

 Stadium III/IV: de behandeling van deze stadia is vooral gebaseerd op een voldoende lange chemotherapie. De duur van de chemotherapie is meestal 8 maanden. Het is momenteel niet meer zo duidelijk of voor deze stadia radiotherapie wel nodig is. Er zijn de laatste jaren een aantal studies verschenen die erop wezen dat radiotherapie de kans op een blijvende genezing niet echt verhoogde, als tenminste met chemotherapie een voldoende goede remissie werd bekomen. Als chemotherapie wordt hier ook gebruik gemaakt van het hogervermelde ABVD schema. Aangezien de prognose van deze stadia toch nog steeds wat beperkter blijft, worden nieuwe schema’s onderzocht. Een ervan is het zogenaamde BEACOPP schema. Dit schema is veel zwaarder dan het ABVD schema, maar gaat wellicht gepaard met een hogere kans op genezing. Mogelijks geeft BEACOPP evenwel een hoger risico op leukemie na enkele jaren. BEACOPP wordt gegeven in cycli om de 21 dagen, de toediening van chemotherapie gebeurt op dag 1,2 en 3 en op dag 8. Nadien is er twee weken rustperiode.

 

Tabel: hoge dosis BEACOPP chemotherapie

 

Dosis (mg/m²)

Dagen toediening

    Bleomycine

10

8

     Etoposide

200

1,2 en 3

    Adriamycine

50

1

    Cyclophosphamide

 1200

1

    Vincristine

 1,4

 8

    Procarbazine

 100

 1 tot en met 7

    Prednisone

 64

1 tot en met 14 

 
Verloop van de behandeling voor ziekte van Hodgkin:

  • De behandeling start nadat de gegevens bekend zijn van de stageringonderzoeken: aan de      hand hiervan dient een therapieplanning opgemaakt (keuze van de chemotherapie, duur van de chemotherapie, al dan niet radiotherapie)
     
  • Soms is het nodig om voor het starten van de behandeling een systeem in een bloedvat onder de huid in te planten om de chemotherapie te kunnen toedienen: zo’n systeem wordt een Port-a-Cath genoemd, naar het eerste merk, of poortkatheter. Deze katheter wordt door de chirurg geplaatst in de operatiezaal onder lokale verdoving. 

 

  • De chemotherapie wordt meestal toegediend in een daghospitaal. 
  • Tijdens het verloop van de behandeling dient onderzocht of de ziekte voldoende beantwoordt aan de medicijnen : er wordt meestal na 3 of 4 cycli behandeling een controle uitgevoerd van alle afwijkende testen (labo, PET/CT scan, puncties indien afwijkend). Indien het effect van de behandeling onvoldoende zou zijn (wat zeldzaam is), dient de behandeling aangepast. 
  • Ook enkele weken na het einde van de chemotherapie en voor het starten van de bestraling dient een nieuwe controle uitgevoerd van alle afwijkende testen.